27e zondag (2026) De wijngaard wordt u afgenomen
Marcel Braekers
Openingszang 102 Onze hulp is in de naam van de Heer - Opening van de dienst
Gebed
Heer onze God,
Gij hebt ons geroepen tot vrijheid
En ons een kostbare schat in aarden kruiken toevertrouwd.
Daarom vragen wij U:
Wil Gij ons dragen en wees in ons leven aanwezig
Als een uitnodigend vergezicht, een ongrijpbare on-grond
Zodat ook wij in respect en afstand maar met inzet van al onze krachten
Deze aarde tot een wijngaard zouden ombouwen
Waar het goed is voor iedereen om te wonen.
Lied 537 Lofzang tot de Drievuldige God
Lezing uit Jesaja 5, 1 – 7
Commentaar
Ik vermoed dat de symboliek in het verhaal duidelijk is; de wijngaard is het volk Israël en God is de eigenaar. Met dit lied hekelt Jesaja in scherpe woorden het levenspatroon van zijn volksgenoten en daarbij vooral dat van degenen die grote verantwoordelijkheid dragen, omdat ze zich niets aantrekken van recht en gerechtigheid. Het contrast tussen de zorg van de eigenaar en wat de wijngaard opbrengt is enorm.
Je kan de parabel lezen in de historische context waarin Jesaja leefde. Jesaja was een politieke figuur, kende daardoor veel wantoestanden en wist waarover hij sprak. Maar ik vroeg me af als zo’n tekst vandaag in de kerken wordt gelezen of je hem nog los kunt zien van wat zich vandaag in het Midden Oosten aan het afspelen is. Israël dat zich altijd gezien heeft als het geweten van alle naties gedraagt zich mensonwaardig. Na de bloedige aanslag door Hamas stond het voor de enorme uitdaging om op een waardige manier te reageren en kon het tonen wat het voor hen betekent om uitverkoren volk te zijn, maar de reactie was een catastrofe. De wijngaard die met zoveel zorg werd geplant, brengt alleen wilde vruchten voort. Het oordeel treft op de eerste plaats de leiders die alleen uit zijn op wraak en op stemmenwinst om te overleven. Maar ze kunnen die macht slechts verwerven omdat ze door een meerderheid zijn gekozen. We weten dat ook binnen Israël een groep streeft naar vrede en dialoog maar hun stem wordt gesmoord of verbannen.
Door dat te zeggen komen we naadloos bij de tweede lezing waar ter sprake komt hoe men met de profeten omgaat.
Mattheüs 21, 33 – 43
Lied 514 stem als een zee van mensen
Homilie
Mattheüs vertelt een allegorie waarin alle elementen van het verhaal verwijzen naar een concrete situatie. De wijngaard is in handen van pachters van wie verwacht wordt dat ze elk jaar een deel van de oogst afstaan, het zijn de geloofsgenoten die het land bewonen. God is de eigenaar van wie wordt gezegd dat Hij zich terugtrekt en alle verantwoordelijkheid aan de mens overlaat. De dienaren die de opbrengst komen ophalen staan symbool voor de profeten die toezien hoe het volk zich gedraagt. De enige zoon is Jezus waarvan de evangelist zegt dat Hij om zijn gerechtigheid werd vermoord.
De pachters gedragen zich als bezitters van het land dat hun werd toevertrouwd. Ze mishandelen of doden de profeten zoals historisch ook het geval was. De profeet Uria werd gedood (Jer. 26,23), Jeremia werd in een blok gezet (Jer. 20,3) en Secharja werd gestenigd (2 kron. 24,21).
Ook hier kan je de tekst doortrekken tot vandaag. Ook binnen Israël gaan er stemmen op voor een andere politiek, maar ze worden monddood gemaakt of bedreigd. Nog maar pas werden twee documentairemakers met de dood bedreigd omdat ze een reportage durfden te maken over het gedrag van de soldaten tijdens de vergeldingsacties.
Het evangelie stelt een diepere vraag die verder reikt dan het Midden Oosten probleem: wat gebeurt er als mensen zich gedragen als bezitters en niet als beheerders of behoeders? De vraag geldt voor elk van ons, maar ook voor landen of allerlei belangengroepen. Het evangelieverhaal geeft ons al vertellend een beeld van dé mens, hoe iedereen een gevecht moet voeren tegen een ingebakken drang om te bezitten, te overtroeven of anderen te ontnemen waarop ze recht hebben. Overal en in alle omstandigheden zou moeten durven herhalen dat we slechts pachters zijn aan wie de aarde is toevertrouwd als een rijkdom die we slechts mogen beheren.
Geloofsbelijdenis 146
Groot dankgebed 152 Mijn God zijt Gij
Na de communie 785 psalm 85 vrij
