Vul deze velden in en aanvaard de voorwaarden en privacybeleid

260517 De verheerlijking van God, de erkenning van Gods grootheid.

7e zondag na Pasen. De verheerlijking van God, de erkenning van Gods grootheid.

Maggy Rubens

Lied 110: Bidden wij

Openingsgebed

Voor allen die zoeken naar waarheid en het evangelie willen verstaan, bidden wij U God om geduld en om aandacht.  

Inleiding:

Wanneer mensen wat ouder worden, schrijven velen een testament om hun zaken te regelen. 

 Ik zou jullie vandaag willen voorstellen om eens na te denken om een testament, een getuigenis, over jezelf te schrijven en dit voor al de mensen die jou in je leven hebben omringd en die jij graag hebt  gezien. Hoe zou je willen dat ze aan je blijven denken? Ik wil wel enkele suggesties geven. Waarvoor zet je of heb je je talenten vooral ingezet? Waarvoor ben je dankbaar in je leven? Jullie komen hier naar Filosofenfontein. Waarom wil je je geloof blijven verdiepen in een geseculariseerde wereld? 

Waarom stel ik dat voor? Om 2 redenen: omdat door al het goede dat van jullie is uitgegaan Gods menslievendheid zichtbaar werd en jullie hebben Hem, om het met een bijbels woord te zeggen verheerlijkt, en ook omdat we zo dadelijk het testament van Jezus zullen beluisteren in het Johannes evangelie.

Het testament van  Jezus is in de vorm van een afscheidsgebed. Jezus vraagt daar aan God, die hij zijn Vader noemt, om te bevestigen dat Hij zijn opdracht in vertrouwen heeft volbracht en hem hiervoor ook te verheerlijken.

Na het laatste avondmaal, juist voordat hij wordt  gearresteerd, begint Jezus te bidden, niet ingetogen zoals gewoonlijk, maar plechtig en openlijk, iedereen mag meeluisteren. Dit  gebed is zowel het hoogtepunt als de samenvatting van het ganse Johannesevangelie.

Lied 560: Geen weg is te lang 

Maar om dit Johannes evangelie beter te begrijpen, neem ik jullie mee naar Efeze, een Griekse havenstad op de westkust van Klein-Azië in de jaren 90 rond de tijd dat het Johannes evangelie werd geschreven. In de loop der jaren heeft zich daar rond de apostel Johannes, die ooggetuige was geweest van Jezus optreden, een gemeente  gevormd, een kleine ecclesia van Joden die de boodschap van Jezus, als aanvulling van de Thora, hadden aanvaard.

Elke sabbat komen deze Joodse christenen in een of ander huis in het geheim bijeen om het brood met elkaar te delen. Want  deze  Joodse (en later ook Griekse christenen) hebben  veel moeten lijden, nadat ze uit hun moederkerk, de synagoog, werden gezet, werden zij  vanuit deze  nabije en machtige synagoog  voortdurendvervolgd en bedreigd.

 Al het lijden van deze gemeenschap en alles wat Johannes en ook zijn gemeente denken over de betekenis van Jezus’ lijden en dood  wordt in dit afscheidsgebed samengevat.

Dit afscheidsgebed is een vaarwel en tegelijk ook een belofte. Johannes laat Jezus spreken voor al de christelijke gemeenschappen over de eeuwen heen en dus ook voor ons, die hier nu samen zijn. Wij luisteren nu, naar dit bijzonder intiem en diepgaand gesprek van Jezus met zijn Vader.                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                           

Evangelie volgens Johannes 17,1-20

Lied 126: Uw woord

Homilie

Bij de voorbereiding van de viering  vroeg ik aan Chana, een chassidische joodse vrouw, die ik heel goed ken, waar voor haar de heerlijkheid, de grootheid van Jahweh zich het helderst manifesteert. ” In de Thora, zei ze, waar God zich kenbaar heeft  gemaakt, en ook omdat Hij ons volk in leven heeft gehouden en gered”. 

Als aan jullie, na het beluisteren van dit evangelie, dezelfde vraag werd gesteld, waar wordt Gods’ heerlijkheid het meest zichtbaar? Wat zou dan  jullie antwoord zijn? Geeft het evangelie ons het antwoord niet? Namelijk de verheerlijking van de Vader gebeurt door Jezus die in volle vertrouwen zijn boodschap van naastenliefde heeft volbracht .                                                                                                                                                                                             

En toch, beste mensen, als Jezus zegt “Door mij, kom je tot de Vader…”, wie was Jezus dan? Dit is een vraag die wij ons nu ook nog stellen. Was hij een groot profeet, een mensenzoon, of de zoon van God? Deze vraag heeft immers  in de loop van de kerkgeschiedenis geleid tot veel theologische disputen. Maar wat wij zeker weten is dat, die Joodse rabbi uit Nazareth, een heel bijzondere, diepgaande godservaring had die dan tot ons is gekomen door de getuigenis van zijn leerlingen.

Ooit hebben wij  immers de diepste kracht van het leven, die wij God noemen, eigenschappen toegekend die wij mensen zelf niet hebben bv. almachtig, eeuwig, alwetend en in de 14de eeuw zei de theoloog Eckhart ook dat godsbeelden menselijke voorstellingen waren. Maar als wij de woorden van het evangelie van vandaag ernstig nemen dan krijgen wij wel een heel ander Godsbeeld te zien, namelijk het beeld van een nabije God die liefde is. Die liefde  en ontferming werd in Jezus’ leven zichtbaar maar ook in ons, als wij evangelisch trachten te leven. 

Jullie hebben gehoord dat Jezus in zijn afscheidsgebed voor ons bidt, niet dat we van het leed gespaard zouden blijven maar wel dat we gespaard zouden blijven van het kwaad, van onrecht, van de afwezigheid van liefde in ons dagelijks leven. Om hierbij aan te sluiten vertel ik jullie, een klein voorval. Ik zit op een zitplaats, in een volle bus, van Leuven naar huis. Bij een volgende halte stapt er een oudere, sjofele moslim vrouw op, geladen met 2 grote volle zakken. Jammer genoeg  zie ik misprijzende blikken rondom mij. Hoe gaat deze vrouw zich kunnen vasthouden? Ik wil haar helpen en vraag of zij niet wil gaan zitten. Terwijl ik nu recht sta, komen 2 jonge mensen mij vragen “Mevrouw wilt u niet terug  gaan zitten?” Ik dank hen. 

In het evangelie, maar ook in elke spirituele cultuur, is er een oproep naar wijsheid en medemenselijkheid. Daarom zou ik willen eindigen met een mooie poëtische zin van de grote Indische dichter en filosoof Rabindranath Tagore:  Hij klinkt als volgt: 
  “In de dauw der kleine dingen vindt het hart zijn morgen en wordt verfrist”.

Offergang, lied 149: Oergebaar. 

Tafelgebed 166 Adem van mensen

Communie

Slotlied 553: Groter dan ons hart

Slotgebed: God, Gij die onze liefde waardig zijt, wij danken U voor tekens van uw nabijheid in mensen. Laat ons na deze viering terugkeren naar het leven van elke dag en help ons daar om de weg te gaan als mensen die Jezus Christus hebben aangetrokken als een kleed? Amen

Zegen

Contactinformatie

©2005-2024 Filosofenfontein

✉️   info@filosofenfontein.be

Ondernemingsnummer: 0775.603.387

Bankgegevens:"FIFO Heverlee" 

KBC: BE11 7340 3906 5848

Volg ons op Sociale media

QR Code

Door je camera op deze code te houden krijg je het adres van deze website op je smartphone of tablet. Dan kan je de hele website bekijken.