Vul deze velden in en aanvaard de voorwaarden en privacybeleid

260426 Roep jij Mij ? Of roep Jij mij ?

4de paaszondag.  Roep jij Mij ? Of roep Jij mij ? 

Ides Nicaise

Vandaag is het roepingenzondag. In sommige parochies worden voor dat doel nog posters opgehangen en gebedsprentjes uitgedeeld om te bidden dat God arbeiders en arbeidsters roept om zijn oogst binnen te halen, maar ik vraag me af wat God daar zelf van vindt. Roept Hij zich al niet hees tegen het lawaai van onze op hol geslagen wereld in? En waarom zouden wij dan bidden om roeping van anderen, terwijl wij zelf aan de kant blijven staan? Zou God dan niet denken dat wij hem niet verstaan hebben, of dat wij “een beetje heel erg doof zijn aan ons linker- en rechteroor”? 

Lied 104 Gegroet en gezegend

Openingsgebed (samen)

God, wij zitten voor u in verlegenheid.
De wereld rondom lijdt aan vertwijfeling en geweld. 
Gij roept voortdurend maar 
uw roep wordt overstemd door het gedreun van oorlogen
en de harde taal van macht en kapitaal.
Beziel ons dan met uw Geest van vrede en hoop 
Zodat wij gist kunnen zijn in het deeg
In onze familie, gemeenschap,
Voor de Kerk 
en de ganse samenleving. Amen

Lied 221 Dat wij als wachters op de muren zijn

Eerste Lezing: Hand. 2,14a.36-41 

Op de dag van Pinksteren trad Petrus met de elf naar voren en verhief zijn stem om het woord tot de menigte te richten: “Voor heel het huis van Israël moet onomstotelijk vaststaan, dat God die Jezus die gij gekruisigd hebt, tot Heer en Christus heeft gemaakt.” Toen zij dit hoorden, waren zij diep getroffen en ze zeiden tot Petrus en de apostelen: “Wat moeten wij doen, mannen, broeders?” Petrus gaf hun ten antwoord: “Bekeert jullie en laat jullie allemaal dopen in de naam van Jezus Christus tot vergeving van jullie zonden. Dan zullen jullie als gave de heilige Geest ontvangen. Want die belofte geldt voor jullie zelf, jullie kinderen en alle mensen, waar dan ook, allen die God zal roepen.” Nog veel uitvoeriger legde hij getuigenis af, en hij vermaande hen: “Redt jullie uit dit ontaarde geslacht.” De mensen die zijn woorden aannamen, lieten zich dopen, zodat op die dag ongeveer drieduizend mensen zich aansloten.

Commentaar

De zelfverzekerdheid en het charismatische gezag waarmee Petrus het woord neemt zijn op zijn minst merkwaardig. Waar is de Petrus-Schrikkepiet gebleven die driemaal na elkaar Jezus verloochent als hij erop aangesproken wordt? Dit moet inderdaad het werk van de Heilige Geest geweest zijn: een inspiratie die hem een haast explosieve kracht gegeven heeft.

Een paar weken geleden las ik in het magazine MO* hoe de evangelische kerken furore maken in Colombia. Tijdens massabijeenkomsten bekeren mensen zich bij bosjes en worden ze genezen van allerlei kwalen. De gemeenschap zingt zich de ziel uit het lijf en intussen worden grote hoeveelheden geld ingezameld. De drieduizend bekeerlingen van Petrus op één dag doen op het eerste gezicht denken aan dat soort emo-kerken. Sceptici vragen zich af hoelang zo’n opgepepte prediking standhoudt. Alleen was er bij Petrus geen show bij, en vooral: hij verwijst naar een verrezen Jezus die door diezelfde menigte uitgespuwd en ter dood gebracht is geweest. Allesbehalve pret-prediking dus! Eigenlijk confronteert hij de menigte zelfs met haar eigen hysterie van een paar weken voordien, en loopt hij daarmee nog het risico dat ze zich tegen hem keert. Maar het omgekeerde gebeurt: duizenden bekeringen op één dag. Het is wellicht de zuiverheid van de boodschap die dit verklaart: “de man die jullie gekruisigd hebben is door God tot Heer en Christus gemaakt.” Het is ook geen boodschap van wraak (voor hetzelfde geld had Petrus zoals oud-testamentische profeten Gods toorn over Israël kunnen aankondigen). Neen, wat volgt zijn woorden van hoop en verzoening: “vraag om vergeving, laat je dopen en je zal de Heilige Geest als een gave ontvangen.” In de tweede lezing, een brief van Petrus aan de eerste christengemeenten in Klein-Azië (die we niet gaan voorlezen) is de algemene toon er ook één van geweldloze standvastigheid. Hij wijst erop dat Jezus zich niet verweerd heeft toen hij uitgescholden en mishandeld werd. Zo’n verzoenende taal moet in die context een ongelooflijk sterke indruk gemaakt hebben.

Misschien is de kracht van onze roeping als christenen dat we, met de hulp van de Heilige Geest, hoop en verzoening blijven uitdragen in een verscheurde wereld, ook als we zelf rechtstreeks of onrechtstreeks slachtoffer zijn. Die positieve kracht van een roeping wordt mooi gevat in het lied 550.

Lied 550 Roept God een mens tot leven (strofen 1-6)

Evangelie: Joh. 10,1-10 

In die tijd zei Jezus: “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg jullie: wie niet door de deur, maar langs een andere weg de schaapskooi binnengaat, dat is een dief en een rover. Maar wie door de deur binnengaat, is de herder van de schapen. Voor hem doet de deurwachter open. De schapen luisteren naar zijn stem; hij roept ze bij hun naam en leidt ze naar buiten. En als hij al zijn schapen naar buiten heeft gebracht, trekt hij voor hen uit, terwijl zij hem volgen, omdat zij zijn stem kennen. Een vreemde echter zullen zij niet volgen; integendeel, zij zullen van hem wegvluchten, om dat ze de stem van vreemden niet kennen.” Deze gelijkenis vertelde Jezus hun, maar zij begrepen niet wat Hij hun wilde zeggen. Een andere keer zei Jezus tot hen: “Voorwaar, voorwaar Ik zeg jullie: Ik ben de deur van de schapen. Allen die vóór Mij zijn gekomen, zijn dieven en rovers, maar de schapen hebben niet naar hen geluisterd. Ik ben de deur. Als iemand door Mij binnengaat, zal hij worden gered; hij zal in- en uitgaan en de weide vinden. De dief komt alleen maar om te stelen, te slachten en te vernietigen. Ik ben gekomen, opdat zij leven zouden bezitten, en wel in overvloed.”

Commentaar

Toen ik bij een vorige roepingenzondag met hetzelfde evangelie voorging had ik besloten deze lezing over te slaan omdat ik vond dat ze zo ‘totalitair’ klonk, in een tijd dat de Kerk op haar grondvesten daverde o.a. door de pedofilie-affaire. Het risico is inderdaad dat je zo’n tekst gaat lezen als een pleidooi voor de enige ware katholieke leer – alsof al de rest leugen en bedrog zou zijn. De lezing stond dus wat haaks op een aantal praktijken binnen de Kerk zelf. Als we de woorden van Jezus letterlijk zouden interpreteren, zou hij zelfs Johannes de Doper en alle profeten uit het Oude Testament overboord gooien. Dat kan natuurlijk niet zijn bedoeling geweest zijn. Het beeld van de herder verwijst naar een betrouwbaar, onbaatzuchtig en liefdevol leiderschap; dat van de deur verwijst dan weer naar zijn rol als verbindingspersoon tussen ons en God de Vader.

Zonder afbreuk te willen doen aan die centrale rol van Jezus, denk ik dat het riskant zou zijn om hem als het ware het monopolie van alle ‘roepingen’ toe te schrijven. Zijn er niet tot op vandaag mensen die enigszins met Jezus kunnen vergeleken worden? Het hoeven zelfs niet altijd christenen te zijn. Ik denk aan iemand zoals Mahatma Gandhi, een diepgelovige profeet van geweldloze weerbaarheid, die zich met meerdere religies identificeerde. Hij heeft niet alleen op die manier India en Pakistan naar de onafhankelijkheid geleid maar ook een blijvende stempel gedrukt op de cultuur van zijn volk, en zelfs op de wereld. Minder bekend is momenteel Sr Norma Pimentel in de VS, die de migrantengezinnen met kinderen verdedigt tegen het onmenselijke deportatiebeleid van Trump; of nog de Brit Fazlun Khalid, die de ‘vader van de islamitische ecologie’ genoemd wordt. Persoonlijk zou ik mijn voorbeelden in de sfeer van de armoedebestrijding gaan zoeken. Joseph Wresinski, de stichter van ATD Vierde Wereld waar ik sinds mijn studententijd in geëngageerd ben, was ook zo’n bijzondere figuur. Hij was zelf kind van migrantenouders, groeide op in armoede, en kwam als pastoor terecht in het barakkenkamp voor dakloze gezinnen in Noisy-le-Grand. Daar besefte hij al snel dat zelfs materiële hulpverlening mensen in armoede verknechtte, en besloot hij enkel nog sociaal-culturele activiteiten te organiseren: straatbibliotheken voor kinderen, een jongerenbeweging en een volksuniversiteit voor volwassenen. Zijn doel was mensen in armoede zelf een stem te geven in maatschappelijke debatten. Intussen is zijn beweging ATD Vierde Wereld actief in meer dan dertig landen in Noord en Zuid, heeft ze goede contacten bij de Verenigde Naties en de Europese Unie, en hebben honderden mensen alles opzijgezet om zich 100% vrij te maken voor ditzelfde ideaal: een samenleving bouwen waar de armste mensen in het middelpunt staan en waar mensenrechten volledig voor iedereen gerealiseerd worden. Ik heb goede vrienden in die beweging die mijn levenskeuze en mijn dagelijkse energie bepalen: zeg maar, mijn roeping – ook al doe ik dat op een veel minder radicale manier dan zij. Zo denk ik dat ieder van ons wellicht geroepen is geweest door andere mensen om te worden wat hij of zij geworden is, en daar ook dankbaar voor is. En wellicht proberen wij ook om, individueel en als gemeenschap, onze kinderen, kleinkinderen, medemensen op te roepen om de diepste zin van hun leven te ontdekken en erop in te zetten.

Wat het evangelie van vandaag eraan toevoegt is de uiteindelijke bron van alles: God die onze namen in de palm van zijn hand geschreven heeft, en zijn Zoon gezonden heeft om ons de weg van de absolute onbaatzuchtige liefde voor te leven. Die Jezus die zich tegelijk herder en deur van de schaapsstal noemt. Het is goed om hem te benoemen waar mensen hem dreigen te vergeten. 

Als je graag iets wil delen over je eigen roeping, of hoe je zelf iemand anders hebt geroepen, of een voorbede wil formuleren, dan zal daar na de communie gelegenheid voor zijn. We sluiten de woorddienst af met lied 552.

552 Maak ons tot het zout der aarde

Offerande / Kaarsjesprocessie

Tafelgebed 167

Onze Vader / Vredewens 

Communie

Korte getuigenissen / voorbeden: acclamatie 144 ‘Herschep ons hart’

Communielied 839 Gij peilt mijn hart

Slotbezinning: Sterker dan mezelf (Marie-Claire Ongenaert)

Ik kijk, ik luister
Naar het lief en het leed
In deze wereld,
Naar de moed en de wanhoop,
Het lied en de tranen
Van kleine en grote mensen…
Soms wil ik de wereld weg
Maar met mijn ogen dicht
En mijn oren toe
Hoor ik nog de kreten, het zingen,
Zie ik de mensen,
Voel ik me aangesproken.
Als onkruid duikt het telkens weer op
In mijn binnenste.
Gelijkt God misschien
Op wat mensen onkruid noemen?
Ik denk dat God woekert in mij
Zoals het onkruid in mijn tuin.
Nu eens als klaprozen,
Madeliefjes of vergeet-mij-nietjes,
Dan weer als bramen of brandnetels.
Ik worstel met God 
Zoals ik worstel met onkruid.
En telkens wint God,
Duikt op in de onmogelijkste hoeken
En zet mij weer in beweging.
Het is sterker dan mezelf.

 

Wegzending en zegen

Contactinformatie

©2005-2024 Filosofenfontein

✉️   info@filosofenfontein.be

Ondernemingsnummer: 0775.603.387

Bankgegevens:"FIFO Heverlee" 

KBC: BE11 7340 3906 5848

Volg ons op Sociale media

QR Code

Door je camera op deze code te houden krijg je het adres van deze website op je smartphone of tablet. Dan kan je de hele website bekijken.